Terug naar A1
Gesprek · A1

Boodschappen Doen

Doing the Groceries

Klant: Goedemorgen, ik zoek de melk. Waar staat die? Medewerker: Goedemorgen! De melk staat achterin, naast de kaas. Klant: Dank u wel. En heeft u verse aardbeien? Medewerker: Ja, de aardbeien liggen bij het fruit, vooraan in de winkel. Klant: Hoeveel kosten ze? Medewerker: Een bakje kost drie euro vijftig. Klant: Oké, ik neem er twee. Heeft u ook bruin brood? Medewerker: Natuurlijk, bij de bakkerij links. Wilt u het gesneden? Klant: Ja, graag gesneden. Medewerker: Anders nog iets? Klant: Nee, dat is alles. Waar kan ik afrekenen? Medewerker: Bij kassa drie. Een fijne dag verder!
NederlandsEnglishVoorbeeld
De boodschappenThe groceriesIk doe vandaag boodschappen.
De melkMilkDe melk is op.
Het broodBreadIk koop bruin brood.
De aardbeiStrawberryAardbeien zijn zoet.
KostenTo costHoeveel kost dit?
De kassaThe checkoutDe kassa is daar.
AfrekenenTo pay / check outIk wil graag afrekenen.